Home Lijfrente Soorten uitkeringen

Lijfrentevormen

Een lijfrente is een aanspraak van een periodieke uitkeringen uit een lijfrenteverzekering of bancaire lijfrente die eindigen uiterlijk bij overlijden. De uitkeringen dienen vast en gelijkmatig te zijn en mogen niet worden afgekocht, vervreemd of dienen tot voorwerp van zekerheid.  

Lees meer...

 

Oudedagslijfrente

Bij de oudedagslijfrente (lijfrenteverzekering) gaan de periodieke uitkeringen uiterlijk in na 5 jaar waarin de belastingplichtige de AOW leeftijd bereikt en eindigen bij diens overlijden. Het betreft een uitkering voor de oudedagsvoorziening. Bij bancaire lijfrente is levenslang omgevormd tot 20 jaar van de ingangsdatum. Als de ingangsdatum ligt voor AOW leeftijd dan tellen de jaren voor AOW leeftijd ook mee.

 

Lees meer...

 

Tijdelijke oudedagslijfrente

Bij de tijdelijke oudedagslijfrente gaan de uitkeringen van de lijfrente niet eerder in dan het jaar waarin de belastingplichtige de AOW leeftijd bereikt. Of een later jaar van pensionering, maar uiterlijk na 5 jaar waarin hij de AOW leeftijd bereikt. De duur van de lijfrenteverzekering moet minimaal vijf jaar zijn en de hoogte van de uitkering is beperkt tot € 21.142,- (voor 2015). De uitkering kan tevens plaats vinden in een bancaire lijfrente.

Als er op een lijfrenteverzekering of een bancaire lijfrente na 1-1-2014 niet meer is gestort, dan mag de uitkering uit de polis of rekening vanaf 65 jaar worden uitgekeerd.

 

Lees meer...

 

Nabestaandenlijfrente

Bij een nabestaandenlijfrente moet de lijfrente toekomen aan een natuurlijk persoon en normaliter ingaan direct na het overlijden van de belastingplichtige of diens (ex-)partner. De uitkering in de lijfrenteverzekering kan tijdelijk zijn of levenslang. Komt de uitkering toe aan een bloedverwanten en aanverwanten, niet zijnde de (ex-)partner, in de rechte lijn of in de tweede of derde graad van de zijlijn, dan moet de uitkering eindigen of bij overlijden of op uiterlijk als de gerechtigde 30 jaar wordt.

Lees meer...

 

Overbruggingslijfrente

Bij de overbruggingslijfrente eindigen de uitkeringen van de lijfrente in het jaar waarin de belastingplichtige AOW leeftijd bereikt of in het jaar waarin hij een pensioenuitkering gaat genieten. De hoogte van de uitkering mag in totaal niet hoger zijn dan € 63.288,- per jaar. Bedraagt de sterftekans gedurende de looptijd van de overbruggingslijfrente minder dan 1%, dan kan van dit vereiste worden afgeweken als er 1 overlijdenskans is.

Lees meer...