Home Arbeidsongeschikt Nieuws Letselschadeslachtoffer wacht lange strijd

Letselschadeslachtoffer wacht lange strijd

Tachtig procent van de slachtoffers met een blijvend letsel na een ongeval is langer dan drie jaar bezig om hun schade vergoed te krijgen. Dit is schokkend, concludeert Stichting De Ombudsman na eigen onderzoek, omdat in 2006 de Gedragscode Behandeling Letselschade (GBL) is ingevoerd die een einde zou moeten maken aan wantoestanden en onzekerheid.

letselschade

Twee maal slachtoffer

Slachtoffers zijn niet alleen verwikkeld in een strijd om hun leven weer op poten te zetten na een ongeluk, maar krijgen ook te maken met hevige discussies over hun aandoening en getouwtrek tussen de advocaat en verzekeraar over de hoogte van een vergoeding. Zo worden zij voor een tweede keer slachtoffer, benadrukt De Ombudsman na een onderzoek onder bijna 750 letselschadeslachtoffers. In de onderzochte zaken ging het vooral om mensen die blijvend letsel opliepen na een verkeers- of bedrijfsongeval. In veruit de meeste gevallen raakten zij deels of helemaal arbeidsongeschikt en daalden hun inkomsten. Het is niet de eerste keer dat De Ombudsman deze harde conclusies trekt. In 2003 luidde de organisatie al de alarmklok over de lange tijd die het kost voordat een slachtoffer ook maar iets van een schadevergoeding ziet.

Gedragscode
In de door de Universiteit van Tilburg ontwikkelde gedragscode, de GBL, werd geregeld hoe een letselschadezaak voor het slachtoffer op een eerlijke en heldere manier wordt geregeld. Zo is vastgelegd dat een zaak binnen twee jaar wordt afgewikkeld en dat er een onafhankelijke persoon wordt ingeschakeld als het overleg vastloopt. Maar deze code blijkt in de praktijk een wassen neus, omdat alleen verzekeraars, slachtofferorganisaties en andere belangenbehartigers de regeling hebben ondertekend. De advocatuur heeft 'afstand genomen' van de code, stelt De Ombudsman.

GBL-code

Bovendien blijkt driekwart van de ondervraagden de GBL-code niet te kennen. Verzekeraars en belangenbehartigers moeten de slachtoffers in de toekomst dan ook beter informeren over het bestaan van de code, vindt de organisatie. De regeling is nu te vrijblijvend, daarom moet de code volgens De Ombudsman wettelijk worden verankerd om het slachtoffer te beschermen.

Gedragscode Behandeling Letselschade (GBL)

 

  • Beginsel 1: De kernwaarden voor de schadebehandeling zijn: slachtoffer centraal, respectvol met elkaar omgaan, inzichtelijkheid, vertrouwen creëren en versterken, overleg in harmonie, een goed tempo, problemen samen oplossen en elkaar op het goede spoor houden.
  • Beginsel 2: Alle betrokken personen zijn zich bewust van het belang van een positief verlopend contact en zetten zich daarvoor in. Het contact biedt het slachtoffer waarborgen.
  • Beginsel 3: Partijen voeren constructief overleg. Een goed bruikbare werkwijze is (een vorm van) probleemoplossend onderhandelen.
  • Beginsel 4: De schadebehandeling is mede gericht op de toekomst. Voorop staan passende oplossingen voor het slachtoffer in zijn persoonlijke- en werkomgeving.
  • Beginsel 5: Ieder onderdeel in de schadebehandeling wordt voortvarend afgerond en iedere stap wordt vlot gezet. Partijen streven naar afronding van de schadebehandeling binnen 2 jaar na het ongeval. Halen zij deze termijn niet, dan evalueren zij jaarlijks en nemen zij passende maatregelen.
  • Beginsel 6: Tijdens het eerste contact met het slachtoffer draait het om erkenning, luisteren en zorg. Er worden geen afspraken gemaakt die het slachtoffer binden.
  • Beginsel 7: De schadebehandeling gebeurt gepland en onderling afgestemd. Een behandelplan letselschade is daarbij een hulpmiddel.
  • Beginsel 8: Partijen beoordelen kritisch welke informatie echt nodig is. Zij verdelen de taken bij het verzamelen van informatie. Informatie-uitwisseling blijft gescheiden van overleg over de gevolgen daarvan.
  • Beginsel 9: De verzekeraar is terughoudend bij het vragen van gegevens over de gezondheid en persoonlijke situatie van het slachtoffer. Hij is voorzichtig en respectvol bij de interpretatie van die gegevens.
  • Beginsel 10: Partijen zorgen dat snel duidelijkheid komt over de aansprakelijkheid. Bij afwijzing krijgt het slachtoffer een respectvolle en begrijpelijke motivering.
  • Beginsel 11: Als de verzekeraar aansprakelijkheid aanvaardt, geeft hij voorschotten en keert hij de onbetwiste delen van vergoedingen uit.
  • Beginsel 12: Als een medisch traject nodig is, beperken partijen de belasting daarvan voor het slachtoffer. Zij streven naar tempo, objectiviteit en dialoog.
  • Beginsel 13: Nadat voldoende informatie is uitgewisseld en het letsel stabiel is, overleggen partijen in persoon en streven zij naar een eindresultaat op hoofdlijnen.
  • Beginsel 14: Als omstandigheden moeilijk objectief vaststelbaar zijn, bespreken partijen wat zou kunnen gebeuren (scenario's). Zij kijken hoe waarschijnlijk ieder scenario is. Naar rato daarvan bepalen zij de vergoeding.
  • Beginsel 15: Als het overleg vastloopt, bespreken partijen wat er aan de hand is en zoeken zij een basis om hun overleg te hervatten. Zij vermijden escalatie.
  • Beginsel 16: Leidt het overleg niet tot resultaat, dan schakelen partijen aan de hand van een "conflictdiagnose" een geschikte neutrale persoon in. Zij doen dat zoveel mogelijk in overleg.
  • Beginsel 17: Geschiloplossing gebeurt constructief, op basis van het behandelplan, gericht op de gerezen impasse, binnen een korte termijn en tegen voorspelbare kosten.
  • Beginsel 18: Partijen beheersen de financiële en de emotionele lasten. Discussies over vergoeding van buitengerechtelijke kosten hebben geen invloed op de schadebehandeling en worden snel en efficiënt beslecht.
  • Beginsel 19: Partijen beschouwen deze gedragscode als een handleiding. Zij stimuleren elkaar en andere betrokkenen om volgens de kernwaarden, beginselen en goede praktijken te werken. Zij doen suggesties voor verbeteringen en aanvullingen aan de Permanente Organisatie.
  • Beginsel 20: Een Permanente Organisatie ziet toe op een goede schadebehandeling. De werking van deze gedragscode wordt regelmatig geëvalueerd. De code wordt steeds aangevuld. Slachtofferorganisaties en de branche worden daarbij betrokken.